**1..** Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:
a. mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste jaarplaatsen en gebezigd voor recreatief gebruik, bepaald op 2,2;
b. mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste seizoenplaatsen en gebezigd voor recreatief gebruik, bepaald op 2,2.;
c. mobiele kampeeronderkomens op seizoenplaatsen en gebezigd voor recreatief gebruik, bepaald op 2,2;
d. mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens op niet-vaste of seizoenplaatsen en gebezigd voor recreatief gebruik, bepaald op:
1o 1,5, indien sprake is van een voorseizoenarrangement;
2o 1,5, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement;
3o 1,5, indien sprake is van een naseizoenarrangement;
4o 1,5, indien sprake is van een maandarrangement.
e. per vakantiehuis of bungalow op een bungalowpark, bepaald op 3;
f. een groepsaccommodatie per slaapplaats, bepaald op 1;
**2..** Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht, wordt:
a. in geval van het eerste lid, sub a, bepaald op: 60;
b. in geval van het eerste lid, sub b, bepaald op: 50;
c. in geval van het eerste lid, sub c, bepaald op: 50;
d. in geval van het eerste lid, sub d, bepaald op:
1o 30, indien sprake is van een voorseizoenarrangement;
2o 39, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement;
3o 18, indien sprake is van een naseizoenarrangement;
4o 12, indien sprake is van een maandarrangement.
in geval van het eerste lid, sub e, bepaald op 105;
in geval van het eerste lid, sub f, bepaald op 65;
Artikel 6 Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Artikel 6 Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2015