Het verbod als bedoeld in artikel 5:15, eerste lid geldt
niet voor venten met gedrukte of geschreven stukken
waarin gedachten en gevoelens worden geopenbaard als
bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Grondwet.
Het college kan de vrijheid van meningsuiting als
bedoeld in het eerste lid beperken door een verbod in te
stellen:
**a..** op door het college aangewezen openbare plaatsen, of
**b..** voor bepaalde dagen en uren.
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod als
bedoeld in het tweede lid.
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene
wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij
niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
De ontheffing is persoonsgebonden.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 3
Artikel 5:16
Vrijheid van meningsuiting
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening