Naar hoofdinhoud
1.. Indien een aanvraag voor een vergunning, geen evenementenvergunning zijnde als bedoeld in afdeling 7 van hoofdstuk 2 van deze verordening, of ontheffing wordt ingediend minder dan drie weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing nodig heeft, kan het bestuursorgaan besluiten de aanvraag niet te behandelen. 2.. Voor bepaalde, door het bestuursorgaan aan te wijzen, vergunningen of ontheffingen als in lid 1 bedoeld, kan de in het eerste lid genoemde termijn worden verlengd tot ten hoogste acht weken. 3.. De aanvraag voor een evenementenvergunning als bedoeld in Afdeling 7 van Hoofdstuk 2 van deze verordening, voor de door de burgemeester aan te wijzen risicovolle evenementen, moet uiterlijk 13 weken voorafgaand aan het evenement ingediend zijn.

Rechtspraak bij dit artikel