Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10

- Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen met gevolgen voor de bijstand

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstand

1.. Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 van de wet of in de artikelen 28, tweede lid en 29, eerste lid van de wet SUWI heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand, wordt de maatregel afgestemd op de hoogte van het bruto benadelingsbedrag. 2.. Onverminderd artikel 2, tweede en derde lid van de verordening, wordt de maatregel op de volgende wijze vastgesteld: bij een benadelingsbedrag tot € 500,=: vijftien procent van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 500,= tot € 1.000,=: twintig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 1.000,= tot € 2.000,=: dertig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 2.000= tot € 3.000,=: veertig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand. bij een benadelingsbedrag van € 3.000= tot € 4.000,=: vijftig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand. bij een benadelingsbedrag van € 4.000= tot € 5.000,=: zestig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand. bij een benadelingsbedrag van € 5.000= tot € 6.000,=: zeventig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand. 3.. De duur van de op grond van het tweede lid toe te passen maatregel kan worden verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen 2 jaar na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd opnieuw schuldig maakt aan dezelfde als verwijtbaar aan te merken gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 4, tweede lid van deze verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel