In afwijking van artikel 20 verrekent het college het openstaande boetebedrag met inachtneming van artikel 4:93, vierde lid van de Algemene wet bestuursrecht voor zover:
Toepassing van de artikelen 19 en 20 onaanvaardbare consequenties heeft voor de eventuele minderjarige belanghebbende(n) en diens gezin;
De gezondheidstoestand van (een van de) belanghebbende(n) naar het oordeel van het college ernstig wordt bedreigd doordat mogelijkheden ontbreken om de noodzakelijke medicatie of behandeling te financieren:
Er sprake is van een samenstel van omstandigheden die elk op zich niet, maar in hun onderlinge samenhang beschouwd, wel leiden tot het oordeel dat sprake is van onaanvaardbare consequenties van (een van de) belanghebbende(n);
Aannemelijk is dat verrekening op de wijze, bedoeld in de artikelen 19 en 20, zou leiden tot huisuitzetting van belanghebbende en diens gezin;
Anderszins sprake is van dringende redenen.
Hoofdstuk 7:
Artikel 23.
Verrekenen met inachtneming van artikel 4:93, vierde lid van de Algemene wet bestuursrecht
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ en verrekening bestuurlijke boete bij recidive Participatiewet 2015