**1..** Als laag inkomen in de zin van artikel 36 van de wet wordt aangemerkt een aaneengesloten ononderbroken netto maandinkomen dat gedurende de referteperiode niet meer bedraagt dan 110% van het netto wettelijk minimumloon voor gehuwden/samenwonenden en alleenstaande ouders of 80% van het netto wettelijk minimumloon voor alleenstaanden.
**2..** In afwijking van het gestelde in het eerste lid worden inkomsten uit arbeid buiten beschouwing gelaten voor zover deze lager zijn dan € 1.500,- netto in het jaar voorafgaand aan de aanvraag.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4.
Laag inkomen
Onderdeel van Verordening Individuele Inkomenstoeslag Participatiewet Breda 2015