In deze verordening wordt verstaan onder:
a.Markt
:
De door het college ingestelde warenmarkt (en);
b.Marktterrein
:
de gehele oppervlakte openbare of voor het publiek toegankelijke grond, welke door het college voor het uitoefenen van markthandel is aangewezen;
c.Standplaats
:
de op het marktterrein voor de duur van de markt door het college van burgemeester en wethouders aangewezen ruimte voor het uitoefenen van de markthandel;
d.Standplaatshouder
:
Ieder aan wie door het college van burgemeester en wethouders is toegestaan om gedurende de markt een standplaats in te nemen
e.Een maand
:
een kalendermaand
Een kwartaal
:
een kalenderkwartaal
Een halfjaar
:
de maanden januari tot en met juni of de maanden juli tot en met december,
Een jaar
:
een kalenderjaar;
f.Standwerkerplaats
:
Een verkoopplaats die per marktdag wordt uitgegeven om daarop te standwerken;
g.Standwerker
:
een standplaatshouder op een vaste plaats die door welsprekendheid kopers tracht te lokken;
h.Een vaste standplaats
:
een standplaats, die tot wederopzegging is toegewezen;
i.Een tijdelijke standplaats
:
Een standplaats die geen vaste standplaats is en per marktdag wordt toegewezen;
j.Een schriftelijke kennisgeving
:
een door of namens het college van burgemeester en wethouders uitgereikt schriftuur, waarop het verschuldigd marktgeld is aangegeven.
Artikel 1.
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2015