Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2015

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden; motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990; houder: degene die naar de omstandigheden als houder van een voertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een motorrijtuig dat is ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 (Stb. 1994,475) aangehouden register van opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het register was ingeschreven; parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan; parkeervoorziening: de door het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 8 van deze verordening aangewezen parkeerplaats; parkeervergunning: een door het college van burgemeester en wethouders verleende vergunning krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op een belanghebbendenplaats of een vergunningplaats; vergunninghouder: de natuurlijke- of rechtspersoon aan wie een vergunning als bedoeld onder f is verleend; parkeerabonnement: een door het college van burgemeester en wethouders verleend parkeerabonnement krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op een parkeerplaats waarvoor parkeerbelasting verschuldigd is; parkeerabonnementhouder: de natuurlijke- of rechtspersoon aan wie een parkeerabonnement als bedoeld onder h is verleend; wegen: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wegenverkeerswet 1994; gehandicaptenparkeerkaart: een parkeerkaart als bedoeld in de Regeling Gehandicaptenparkeerkaart. dag: een periode van vierentwintig uren, welke aanvangt om 0:00 uur; dagdeel: het gedeelte van een dag van 09:00 uur tot 13:00 uur of 13:00 uur tot 18:00 uur; koopavond: de donderdagavond van 18:00 uur tot 21:00 uur en de eventueel extra koopavonden van 18:00 uur tot 21:00 uur; koopzondagen en koopfeestdagen: de als zodanig krachtens artikel 3 van de Winkeltijdenwet en de Verordening winkeltijden voor de gemeente Weert aangewezen zon- en feestdagen waarop de winkels voor het publiek geopend mogen zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel