Naar hoofdinhoud
1.. Voor het verblijf per pleziervaartuig per overnachting wordt het passantenhavengeld in rekening gebracht. 2.. Lid 1 van dit artikel is niet van toepassing indien het verblijf minder dan twee uren bedraagt. 3.. Lid 1 is niet van toepassing indien het college een vergunning verstrekt voor de periode van 1 oktober tot en met 31 maart van het belastingjaar.

Rechtspraak bij dit artikel