Naar hoofdinhoud
1.. Het bestuur  ziet af van een verlaging als: a. elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt, of b. de gedraging meer dan 12 maanden voor constatering daarvan door het bestuur heeft plaatsgevonden; c. het bestuur daarvoor dringende redenen aanwezig acht. 2.. Wanneer het bestuur afziet van een verlaging op grond van dringende redenen, wordt een belanghebbende hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.

Rechtspraak bij dit artikel