Het college kan besluiten om de bestuurlijke boete te matigen, indien aannemelijk is dat op grond van
de ernst van de overtreding,
de mate van verwijtbaarheid,
de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan,
de omstandigheden waarin de overtreder verkeert of
een andere redenboeteoplegging volgens deze Beleidsregels handhaving onevenredig is.
Van een situatie als bedoeld in het vorige lid kan in beginsel slechts sprake zijn, indien sprake is van bijzondere omstandigheden waarmee bij de vaststelling van deze Beleidsregels niet direct is rekening gehouden.
Hoofdstuk 3
Artikel 10
Matiging
Onderdeel van Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen Bloemendaal 2014