Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Verplichtingen van de subsidieontvanger

Onderdeel van Verordening Subsidie Innovatie Jeugdzorg 2015

1.. De subsidieontvanger is transparant over de jeugdhulp en informeert maandelijks het college over: de instroom, doorstroom en uitstroom per zorgvorm; de lengte van de afgesloten trajecten; de doelrealisatie per afgesloten traject; de duur van de wachtlijst. 2.. Minimaal 2 keer per jaar vindt overleg plaats met een vertegenwoordiging van de gemeente waarbij de voortgang van de innovatie en de efficiëntie en effectiviteit van de geboden zorg onderwerp van gesprek zijn. 3.. De subsidieontvanger levert op 1 januari en 1 juni op cliëntniveau informatie aan de Routeervoorziening Beleidsinformatie Jeugd (RBJ) en is hiervoor aangesloten op deze landelijke voorziening. 4.. De subsidieontvanger verleent medewerking om informatie te leveren aan het nog te ontwikkelen provinciale monitor. 5.. Onverminderd de verplichtingen uit de ASV voldoet de subsidieontvanger in geheel 2015 aan de volgende wettelijke eisen zoals vastgelegd in de: Jeugdwet Kwaliteitswet Zorginstellingen Wet Klachtrecht Cliënten Zorginstellingen Wet BIG (Wet Individuele Beroepen Gezondheidszorg) WGBO (Wet op de Geneeskundige Behandel Overeenkomst) WBP (Wet Bescherming Persoonsgegevens) WMCZ (Wet Medezeggenschap Cliënten Zorgsector) WBOPZ (Wet Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen) Geneesmiddelenwet Mededingingswet 6.. De subsidieontvanger: dient ingeschreven te zijn in het handelsregister; is toegelaten op grond van de Wet Toelating Zorginstellingen gedurende het jaar 2015; dient te beschikken over een bewijs van goed gedrag van alle medewerkers en een aantoonbare Good Governance Code zorginstellingen; heeft hoofdbehandelaren in dienst die BIG geregistreerd zijn en voldoen aan de eisen van de beroepsverenigingen; beschikt over een geldig en extern getoetst geldigheidscertificaat. 7.. De subsidieontvanger voert een zodanig ingerichte administratie, dat te allen tijde voor de vaststelling van de subsidie van belang zijnde rechten en verplichtingen alsmede betalingen en ontvangsten kunnen worden nagegaan. 8.. De subsidieontvanger verleent aan het college dan wel aan de door het college aangewezen ambtenaren of deskundigen inzage in de administratie, indien dit naar het oordeel van het college nodig is voor de beoordeling van de besteding van de verstrekte subsidie. 9.. De subsidieontvanger dient onverwijld schriftelijk mee te delen dat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet tijdig of niet geheel aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan. 10.. De subsidieontvanger dient op de door het college in de beschikking aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

Rechtspraak bij dit artikel