**1..** Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de secretaris, die door de gemeen-teraad is aangewezen tot lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht om in de raadsvergadering verslag te doen over zaken die in het algemeen bestuur aan de orde zijn geweest. Voor een nadere bespreking van dit verslag kan de voorzitter verwijzen naar de carrousel, tenzij de raad zich daartegen verzet.
**2..** Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het stellen van schriftelijke vragen zijn van overeenkomstige toepassing.
**3..** Wanneer een lid van de raad de persoon als bedoeld in het eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toe-staan daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen zijn van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 6
Artikel 58
Verslag; verantwoording
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen van de gemeenteraad van Groesbeek