Na beëindiging of intrekking van de uitkering wordt bij alle fraudevorderingen de hoogte van de maandelijkse aflossingscapaciteit vastgesteld op het bedrag zoals genoemd in artikel 16, tweede lid van deze beleidsregels verhoogd met 50% van het verschil tussen de van toepassing zijnde bijstandsnorm (excl. Vakantietoeslag), en het daadwerkelijk netto-inkomen.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 17.
Vaststellen aflossingscapaciteit fraudevordering voor belanghebbenden die niet langer een uitkering voor levensonderhoud ontvangen.
Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering en verhaal Participatiewet Heemstede 2015