1.Een hulpvraag kan door of namens een cliënt bij het college worden
gemeld.
2.De wijze waarop de melding wordt gedaan is schriftelijk of mondeling.
3.Het college bevestigt de ontvangst van een hulpvraag schriftelijk of
digitaal.
4.In spoedeisende gevallen treft het college na een hulpvraag zo spoedig
mogelijk een tijdelijke maatwerkvoorziening in afwachting van de uitkomsten
van het onderzoek als bedoeld in artikel 4 van de verordening.