Na het bekendmaken van een beslissing als bedoeld in artikel 20
waarbij een vergoeding is toegewezen, treedt het college zo spoedig
mogelijk in overleg met de aanvrager over de wijze waarop de
voorziening wordt uitgevoerd. Het bepaalde in de artikelen 13, 14,
15 en 16, tweede tot en met vierde lid, is daarbij van
overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in plaats van de
termijn, bedoeld in artikel 14, tweede lid, eerste volzin, een
termijn van drie weken geldt.
Binnen [termijn (bijvoorbeeld drie maanden)] na bekendmaking van een
beslissing als bedoeld in het eerste lid geeft de aanvrager een
bouwopdracht of sluit hij een koop-, huur-, of erfpachtovereenkomst
af. Hiervan zendt hij binnen een termijn van twee weken een
afschrift aan het college. De aanspraak op bekostiging vervalt als
niet aan deze verplichtingen wordt voldaan.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.2
Artikel 20.
Uitvoeren beslissing
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs