Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Vaststellen van de tegenprestatie

Onderdeel van Beleidsregels tegenprestatie Participatiewet gemeente Raalte

1.. De tegenprestatie wordt samen met de cliënt vastgesteld in een gesprek. 2.. De cliënt wordt altijd gevraagd zelf ideeën voor een vorm van tegenprestatie aan te dragen. (zie ook artikel 4 ‘Stimuleren van eigen kracht’) 3.. De consulent bepaalt of nadere begeleiding noodzakelijk is. Indien nodig wordt cliënt ‘warm’ overgedragen aan een maatschappelijke partner. 4.. De norm voor de tegenprestatie bedraagt tenminste 8 uur per week. 5.. Het minimum aantal uren per week kan, naar het oordeel van de consulent, lager worden vastgesteld indien hiervoor redenen zijn. Aard en intensiteit van de tegenprestatie kunnen individueel afwijkend worden vastgesteld. 6.. Redenen om af te wijken van voorgaande norm kunnen zijn: Psychische beperkingen 7.. Lichamelijke beperkingen Actuele mogelijkheden voor de invulling van de tegenprestatie Bijzondere omstandigheden 8.. Indien geen enkele vorm van tegenprestatie mogelijk blijkt, dan kan de consulent de cliënt ontheffen van de arbeidsverplichtingen uit de Participatiewet, IOAW of IOAZ.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel