In deze verordening wordt onder de niet-gedefinieerde begrippen verstaan, wat daarmee in de Jeugdwet, de Wmo 2015, de Participatiewet, IOAW of IOAZ wordt bedoeld. In deze verordening wordt verder verstaan onder:
algemene voorziening: een voorziening als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo, een vrij toegankelijke voorziening als bedoeld in de Jeugdwet en een voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 van de Participatiewet.
belanghebbende: een persoon als bedoeld in artikel 7 lid 1 sub a van de Participatiewet.
college: college van burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem.
integraal plan: het hulpverleningsplan, als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, al dan niet gecombineerd met het persoonlijk plan, als bedoeld in de Wmo en/of een plan, gerelateerd aan de Participatiewet, voor één of meer personen of volgens de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.
inwoner: iemand die woont in de Kaag en Braassem. Daar waar het gaat om uitvoering van de Jeugdwet wordt onder inwoner specifiek jeugdigen en/of hun (pleeg)ouders verstaan.
maatwerkvoorziening: een voorziening als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo, een individuele voorziening als bedoeld in de Jeugdwet en een voorziening als bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet.
norm:
toepasselijke bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de Participatiewet, of
grondslag van de uitkering als bedoeld in artikel 5 van de IOAW/IOAZ voor zover sprake is van een uitkering op grond van die wetten.
persoonsgebonden budget (pgb): een door het college verstrekt budget aan een inwoner dat hem in staat stelt een toegekende maatwerkvoorziening van derden te betrekken.
sociaal netwerk: alle mensen die, niet vanuit een professioneel oogpunt, betrokken zijn bij een persoon of gezin, zoals familie, vrienden, buren en verenigingen.
team: het door het college ingestelde integrale ondersteuningsteam dat bestaat uit:
jeugdhulpverleners die consultatie en advies, basisdiagnostiek, ambulante jeugdhulp en zorgcoördinatie bieden aan jeugdigen en/of hun ouders als de jeugdige en/of de ouders niet op eigen kracht en binnen eigen mogelijkheden uit de jeugdhulpvraag komen;
ambulante dienstverleners met verschillende expertises die inwoners begeleiden naar ondersteuning (formeel dan wel informeel) als zij niet op eigen kracht en binnen eigen mogelijkheden uit de hulpvraag komen.
uitkering: algemene bijstand op grond van de Participatiewet of een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ).
werk en inkomen: de Participatiewet, de IOAW, IOAZ en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.