Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Adviesrol en bevoegdheden Wmo-raad

Onderdeel van Verordening Cliënt- en Burgerparticipatie Wmo gemeente Landsmeer 2010

1.. Het college betrekt de Wmo-raad bij de totstandkoming van beleid en regelingen betreffende de uitvoering van de Wmo en levert hiervoor de meest actuele informatie. 2.. Het college legt onderwerpen waarover ze gevraagd geadviseerd wil worden middels een schriftelijke of mondelinge adviesvraag voor aan de Wmo-raad. In de aanvraag maakt het college expliciet duidelijk over welke punten ze advies vraagt. 3.. Wanneer het onderwerpen betreft die direct gerelateerd zijn aan één van de negen prestatievelden van de Wmo, kan de adviesvraag via de ambtelijke weg voorgelegd worden aan de Wmo-raad. Hier hoeft vooraf geen collegebesluit over genomen te worden. 4.. De Wmo-raad brengt binnen vier weken na ontvangst van de adviesvraag schriftelijk advies uit aan het college. 5.. De mate van invloed die de Wmo-raad heeft is conform de Wmo-beleidsnota Cliënt- en Burgerparticipatie, vastgesteld op 30 november 2007, overeenkomstig het derde niveau op de participatieladder: adviseren. 6.. Indien en voor zover het college afwijkt van een advies van de wmo-raad geeft het daarvan met redenen omkleed kennis aan de Wmo-raad. Het college geeft daarbij schriftelijk haar overwegingen weer en geeft tevens aan waarvoor wel gekozen is. Indien schriftelijke formulering niet binnen zes weken na de overlegvergadering kan geschieden, wordt aangegeven binnen welke termijn een schriftelijke motivering zal volgen. 7.. Het college zorgt ervoor dat alle relevante informatie die nodig is om een adequaat advies uit te brengen bekend is bij de leden van de Wmo-raad. Het college doet dit door minimaal een week voorafgaand aan de overlegvergadering met de wmo-raad deze informatie te verschaffen. 8.. Het college ziet er op toe dat de gemeenteraad geïnformeerd wordt over de inhoud van de door de Wmo-raad uitgebrachte adviezen. 9.. In specifieke situaties kan aan de Wmo-raad gevraagd worden binnen een periode van zeven dagen advies uit te brengen, wanneer dat, gelet op de voortgang van het besluitvormingsproces, noodzakelijk is. 10.. De leden onthouden zich van de beoordeling van zaken, welke hen, hun echtgenoten of bloedverwanten tot en met de derde graad, persoonlijk aangaan of waarin zij als gemachtigde zijn betrokken. 11.. Om geldige adviezen te formuleren hoeft er geen meerderheid van het aantal leden van de Wmo-raad aanwezig te zijn. Adviezen worden geformuleerd bij gewone meerderheid van het aantal uitgebrachte stemmen.

Rechtspraak bij dit artikel