**1..** Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:
mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen en in hoofdzaak bestemd voor het verblijf houden door één of meer leden van eenzelfde huishouden gedurende de periode:
1 januari tot en met 31 december, bepaald op 2,3;
1 maart tot en met 31 oktober, bepaald op 2,4;
groepsaccommodaties, per accommodatie:
indien: het aantal slaapplaatsen 50 of minder bedraagt, bepaald op 25;
meer dan 50 doch niet meer dan 100 slaapplaatsen bedraagt, bepaald op 45.
**2..** Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt:
ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen gedurende de periode:
1 januari tot en met 31 december, bepaald op 80;
1 maart tot en met 31 oktober, bepaald op 67;
b.ingeval verblijf wordt gehouden in groepsaccommodaties gedurende de periode 1 januari tot en met 31 december,
indien: het aantal slaapplaatsen 50 of minder bedraagt, bepaald op 44;
meer dan 50 doch niet meer dan 100 slaapplaatsen bedraagt, bepaald op 37.
Artikel 6
Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffingen en de invordering van toeristenbelasting 2008