**1..** Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een
in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte
daarvan als een volle eenheid aangemerkt.
**2..** Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld wordt, voor zover niet
anders is bepaald, de belasting berekend naar de oppervlakte van de
horizontale projectie van de voorwerpen.
**3..** De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op
het product van de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp
geplaatste denkbeeldige rechthoek.
**4..** Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het
voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst
bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de
precariobelasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning,
tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere of
langere periode heeft voorgedaan.
**5..** Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende
tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de
voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.
**6..** In afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van
de precariobelasting een gedeelte van een maand gelijkgesteld met een
maand.
**7..** Indien het belastingtijdvak een langere periode dan een maand omvat,
wordt het maandtarief per maand toegepast.
Artikel 6
Berekening van de precariobelasting
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2015