Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Benoemen voorzitters, secretarissen en leden van de adviesraden

Onderdeel van Regeling Cliëntenparticipatie Rijswijk

1.. Het college benoemt op voordracht van de selectiecommissie zowel een onafhankelijk voorzittervan de Adviesraad Wmo als van de Adviesraad Sociale Zaken. De voorzitter heeft geen bindingmet professionele aanbieders van Wmo- dan wel Sociale Zaken-gerelateerde diensten. Beidenkomen niet uit de gemeentelijke organisatie. De voorzitter is geen lid van de betreffendeadviesraad en neemt niet deel aan de stemmingen. Het college wijst uit de leden van debetreffende raden een plaatsvervangend voorzitter aan. 2.. Het college benoemt zowel een secretaris van de Adviesraad Wmo als de Adviesraad SocialeZaken, niet afkomstig uit kringen van de Wmo/Participatiewet/Wsw. De secretaris is geen lid vande raad en neemt niet deel aan de stemmingen. Het college wijst uit de leden van de betreffenderaden een plaatsvervangend secretaris aan. 3.. De voorzitter, secretaris en de (plaatsvervangende) leden worden benoemd voor een termijn van4 jaar. Het college besluit of zij ten hoogste eenmaal worden herbenoemd. Bij de herbenoeming kan de helft van de leden voor 2 jaar en de andere helft voor 4 jaar benoemd worden. 4.. Eén van de voorzitters van de Adviesraad Wmo dan wel de Adviesraad Sociale Zaken wordt voor2 jaar benoemd tot voorzitter van de coördinatiegroep. Na afloop van die 2 jaar wordt de voorzittervan de andere adviesraad voor 2 jaar benoemd tot voorzitter van de Coördinatiegroep. 5.. De voorzitter, secretaris en de (plaatsvervangende) leden van de raden worden door het collegeontslagen: op eigen verzoek; wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn hun functie te vervullen; wanneer zij failliet worden verklaard of surséance van betaling aanvragen. wanneer zij niet meer voldoen aan de in artikel 4 lid 3 dan wel artikel 5 lid 3 genoemdeeisen; 3 indien zij naar het oordeel van het college ernstig nadeel toebrengen in het aan hengestelde vertrouwen. 6.. Alvorens het college een beslissing neemt over ontslag van voorzitter, secretaris, een(plaatsvervangend) lid van de raad, wordt de betreffende persoon in de gelegenheid gesteldgehoord te worden door 2 leden van het college.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel