Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2:

Artikel 2:1

– Afstemming

Onderdeel van Verordening Afstemming en boete Participatiewet 2015

1.. Indien de belanghebbende, in de periode voorafgaand aan de bijstandsaanvraag of nadien,naar het oordeel van het college een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid betoontvoor de voorziening in het bestaan, de uit de wet voortvloeiende verplichtingen niet ofonvoldoende nakomt, of zich jegens het college zeer ernstig misdraagt, stemt het collegehet recht op bijstand af. 2.. Het college stemt het recht op bijstand af rekening houdend met de ernst van de gedraging,de mate waarin belanghebbende de gedraging verweten kan worden, en de persoonlijkeomstandigheden waarin belanghebbende verkeert. 3.. Indien belanghebbende zich al eerder schuldig heeft gemaakt aan gedragingen zoals bedoeld in het eerste lid, wordt bij de bepaling van de mate van afstemming van de bijstand hiermee rekening gehouden.

Rechtspraak bij dit artikel