Wanneer een participatieprobleem opgelost kan worden met hulp van familie, een mantelzorger of een vrijwilliger, gaat dit voor het verstrekken van een maatwerkvoorziening. Bij de beoordeling van de inzet van iemand uit het sociale netwerk dient gekeken te worden naar eventuele dreigende overbelasting van deze personen. De bijdrage van deze “hulpverleners” moet er niet toe leiden dat degenen die ondersteuning bieden, zelf een beroep doen op de Wmo.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.4
Ondersteuning door het sociale netwerk
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 2015