Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 20.

Inhoud beschikking verstrekking persoonsgebonden budget

Onderdeel van maatschappelijke ondersteuning Emmen Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Emmen 2012

Bij het treffen van een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt in de beschikking vastgelegd: Voor welk te bereiken resultaat het persoonsgebonden budget gebruikt moet worden, eventueel aangevuld met een programma van eisen waaraan bij de besteding voldaan moet worden; Wat de omvang van het persoonsgebonden budget is en hoe deze omvang tot stand is gekomen; Wat de duur is van de verstrekking waarvoor het persoonsgebonden budget bedoeld is en welke regels gelden ten aanzien van verantwoording van het persoonsgebonden budget. Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage wordt dit in de beschikking opgenomen. Bij de verlening van een persoonsgebonden budget worden aan de budgethouder de volgende verplichtingen opgelegd: de budgethouder gebruikt het persoonsgeboden budget uitsluitend voor inkoop en de daarmee noodzakelijk verbonden kosten van een adequate voorziening om de betreffende beperking te compenseren; indien het hulp bij het huishouden betreft, sluit de budgethouder een schriftelijke overeenkomst met de persoon of de instantie door wie de hulp bij het huishouden wordt geleverd en neemt in die overeenkomst ten minste op dat die persoon of instantie ondertekende declaraties verstrekt met daarop vermeld de naam en het adres van die persoon of instantie, het aantal uren verleende hulp bij het huishouden, de gedeclareerde bedragen en het Burgerservicenummer; indien het hulp bij het huishouden betreft, noteert de budgethouder de gegevens op het daartoe door de gemeente beschikbaar gestelde formulier en bewaart dit formulier en de in onderdeel b bedoelde overeenkomsten en declaraties gedurende drie jaren en stelt deze, desgevraagd, ter beschikking aan het college; de budgethouder deelt het college op diens verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op de verlening van het persoonsgebonden budget.

Rechtspraak bij dit artikel