De maatregel bij gedragingen als bedoeld in de artikelen 6 en 7 wordt vastgesteld op:
10 procent van de uitkeringsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie;
25 procent van de uitkeringsnorm gedurende en maand bij gedragingen van de tweede categorie van artikel 6 onder 3 en 4 en de tweede categorie van artikel 7 onder 1 tot en met 4;
50 procent van de uitkeringsnorm gedurende en maand bij gedragingen van de tweede categorie van artikel 6 onder 1 en 2;
100 procent van de uitkeringsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie.
Hoofdstuk 2.
Artikel 8.
Hoogte en duur van de maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Schiedam 2015