Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van eentoelichting worden voorzien. Bij de vragen wordt aangegeven of schriftelijke of mondelingebeantwoording wordt verlangd. Vragen die niet voldoen aan het hiervoor gestelde worden peromgaande aan de indiener teruggestuurd.
De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedigmogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en het college of de burgemeesterworden gebracht.
Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 6 weken,nadat de vragen zijn binnengekomen. Mondelingebeantwoording vindt plaats in deeerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen deze termijnen kanplaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college of de burgemeester devragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt,waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
De antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffieraan de leden van de raad toegezonden.
De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering enbij mondelinge beantwoording in dezelfderaadsvergadering, na de behandeling van de op deagenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen omtrent het door deburgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
HOOFDSTUK 6
Artikel 38
Schriftelijke vragen
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2015