**1..** Het college kan een parkeervergunning intrekken of wijzigen:
**a..** op verzoek van de vergunninghouder
**b..** of ambtshalve:
**i..** wanneer de vergunninghouder het gebied, waarvoor de vergunning is verleend, metterwoon verlaat of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt;
**ii..** wanneer er zich een wijziging voordoet in één van de omstandigheden die relevant zijn voor het verlenen van de vergunning;
**iii..** wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen komt te vervallen;
**iv..** wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften;
**v..** wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt;
**vi..** om redenen van openbaar belang;
**vii..** bij niet tijdige betaling en zonder reactie op de daarop volgende aanmaning.
**2..** Indien de parkeervergunning is ingetrokken op grond van lid 1 sub b onder iv of v wordt een aanvraag voor een parkeervergunning door dezelfde vergunninghouder, binnen 12 maanden na intrekking, geweigerd.
**3..** Indien een parkeervergunning is ingetrokken op grond van lid 1 sub b onder vii wordt uitsluitend een nieuwe vergunning verstrekt na het indienen van een nieuwe aanvraag.
Hoofdstuk › Paragraaf 1.
Artikel 7.
Intrekken of wijzigen parkeervergunning
Onderdeel van Uitwerkingsbesluit Parkeren 2015