Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Aanvraag inzet niveau 5 of hoger

Onderdeel van Uitvoeringsregels jeugdhulp gemeente Noordenveld 2015

1.. Wanneer het college na overleg met een deskundige op niveau 4 besluit dat de hulpverlening op niveau 4 niet voldoet wordt de hulpvraag na toestemming van de ouders in principe aangemeld bij het MDO. 2.. Het college kan een ondertekend verslag van het gesprek aanmerken als aanvraag om een individuele voorziening als de jeugdige of zijn ouders dat op het verslag hebben aangegeven. 3.. Het MDO stelt een hulpverleningsvoorstel op dat wordt besproken met de jeugdige of zijn ouders. Indien de jeugdige en zijn ouders akkoord gaan met het voorstel wordt dit geformaliseerd in een beschikking. 4.. Worden besluiten genomen die betrekking hebben op de veiligheid van een kind dan wordt tenminste een gedragswetenschapper betrokken bij de besluitvorming. Het betreft in ieder geval besluiten om: - Wel of niet actie te ondernemen naar aanleiding van een signaal over een bedreiging van de veiligheid van een derde over een kind of van een signaal van het kind zelf; - Wel of niet professionele interventie(s) in te zetten om de bedreiging van de veiligheid van het kind op te heffen; - Wel of niet een maatregel van kinderbescherming te verzoeken om de bedreiging af te wenden c.q. de noodzakelijke hulp te kunnen bieden; - Wel of niet een (machtiging) uithuisplaatsing aan te vragen; - Wel of niet een uithuisgeplaatst kind terug naar huis te laten gaan; en - Wel of niet de bemoeienis met kind en gezin te beëindigen. 5.. De overwegingen die tot een besluit zoals genoemd onder lid 4 hebben geleid worden vastgelegd, evenals de namen van de bij het besluit betrokken deskundigen en de datum waarop dit besluit is genomen.

Rechtspraak bij dit artikel