Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 10

Hoogte van het persoonsgebonden budget voor vervoersvoorzieningen (CVV, scootmobiel, kosten auto-aanpassing, taxi kosten)

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Voerendaal 2015

Bij de verstrekking of toekenning van een maatwerkvoorziening voor vervoer geniet de voorziening, zoals bedoeld in artikel 10 lid 3 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voerendaal 2015 (CVV) altijd het primaat boven de verstrekking van een persoonsgebonden budget. Uitzondering hierop zijn de vervoersvoorzieningen die om medische redenen en/of andere zwaarwegende redenen niet ingevuld kunnen worden door de verstrekking van een collectieve vervoersvoorziening. Voor het persoonsgebonden budget ten aanzien van een scootmobiel wordt een bedrag beschikbaar gesteld dat bestaat uit: a) het bruto bedrag dat maximaal 100% is van het bedrag zoals de kosten van de te verstrekken maatwerkvoorziening in natura bedragen. De kosten in natura zijn de kosten zoals door de het bruto bedrag dat maximaal 100% is van het bedrag zoals de kosten van de te verstrekken gemeente overeengekomen met de dienstverlenende organisatie die deze voorziening biedt, dan wel is vastgesteld op basis van de goedkoopst adequate offerte (van drie offertes). Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering. b) Aanvullende kosten, indien van toepassing, zoals verzekering, onderhoud en reparatie, voor de duur van de economische afschrijvingstermijn, zoals dat door de gemeente aan de dienstverlenende organisatie wordt betaald en vastgesteld bij de verstrekking van een maatwerkvoorziening in natura. Indien het CVV geen adequate voorziening is, kan desgevraagd een persoonsgebonden budget in de kosten voor individuele (rolstoel)taxikosten of een persoonsgebonden budget in de kosten van een auto-aanpassing van de eigen auto verstrekt worden. Het persoonsgebonden budget voor taxikosten en individuele rolstoeltaxikosten is bepaald op basis van de goedkoopst adequate voorziening; het CVV. Dit houdt in dat het pgb voor de individuele taxikosten en individuele rolstoeltaxikosten voor maximaal 1500 km per jaar worden toegekend vermenigvuldigd met de km-vergoeding zoals genoemd in bijlage 4. Een persoonsgebonden budget voor een auto-aanpassing wordt bepaald op basis van de werkelijke kosten (goedkoopst adequate offerte van drie offertes), maar bedraagt nooit meer dan de goedkoopst adequate voorziening; nml het persoonsgebonden budget voor de rolstoeltaxikosten. Dit houdt in dat het persoonsgebonden budget voor een auto-aanpassing maximaal 1500 maal het tarief voor de km-vergoeding van rolstoelvervoer, zoals genoemd in bijlage 4, bedraagt. Indien als gevolg van het verstrekken van een maatwerkvoorziening als bedoeld in het derde lid onder b) extra verzekeringskosten en hogere kosten in verband met de motorrijtuigenbelasting ontstaan, komen deze meerkosten niet voor vergoeding in aanmerking. Een maatwerkvoorziening bedoeld als onder b) wordt niet verstrekt in geval de betreffende auto ouder is dan 5 jaar.

Rechtspraak bij dit artikel