Gedragingen van een belanghebbende waardoor een verplichting op grond van de artikelen 9, 9a en 55, van de wet niet of onvoldoende wordt nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën:
1. Eerste categorie:
het zich niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of het niet tijdig laten verlengen van de registratie.
2. Tweede categorie:
a. het niet naar vermogen trachten arbeid in dienstbetrekking te verkrijgen;
b. het niet dan wel niet tijdig voldoen aan een oproep om, in verband met de inschakeling in de arbeid, op een aangegeven plaats en tijd te verschijnen;
c. het later terugkeren van vakantie dan ingevolge artikel 13, eerste lid, onder e, van de Participatiewet.
3. Derde categorie:
a. het later terugkeren van vakantie waarbij het re-integratie- of integratietraject wordt geschaad;
b. het niet of onvoldoende verrichten van een door het college opgedragen tegenprestatie naar vermogen als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel c, van de wet;
c. het niet of onvoldoende meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a van de wet;
d. het onvoldoende nakomen van de verplichtingen voor zover het gaat om een belanghebbende jonger dan 27 jaar, gedurende de zoektijd van vier weken;
e. het uit houding en gedrag ondubbelzinnig laten blijken niet mee te willen werken aan de aangeboden voorziening als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel b, van de wet als alleenstaande ouder.
4. Vierde categorie:
het weigeren van of het door eigen toedoen niet behouden van een werkstage die leidt tot een reguliere dienstbetrekking.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 7.
Gedragingen Participatiewet
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015