Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Tegemoetkoming voor kosten taxi, rolstoeltaxi, autoaanpassing

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015

1.. Voor de vaststelling van de hoogte van de vergoeding wordt uitgegaan van de volgende normbedragen per jaar: voor gebruik van een (eigen) auto of vervoer door derden is het normbedrag € 535; voor het gebruik van een bruikleenauto is het normbedrag € 300 voor het gebruik van een taxi bedraagt het normbedrag € 1070. 2.. Indien de werkelijke kosten van het taxivervoer voor het regionale vervoer aantoonbaar hoger zijn dan de bedragen genoemd onder c in het vorige lid, dan kan de persoon met een beperking in aanmerking komen voor een gemaximeerde vergoeding (inclusief het normbedrag) van € 3.300 voor het gebruik van een taxi. 3.. Indien een vervoersvoorziening wordt toegekend, zijnde: gebruik van een eigen auto of vervoer door derden, gebruik van een bruikleenauto, en gebruik van een (rolstoel)taxi , aan beide gehuwden of samenwonende partners bedraagt de financiële tegemoetkoming per persoon maximaal 75% van het in lid 1 en 2 genoemde bedrag. 4.. Indien de persoon met beperkingen als gevolg van een beperkte deelname aan het maatschappelijk verkeer een lagere vervoerbehoefte heeft, wordt de financiële tegemoetkoming evenredig verlaagd. 5.. Waar nodig kan de gemeente degene aan wie een vervoersvoorziening is toegekend, verplichten een overzicht bij te houden en in te leveren van de verreden kilometers in het kader van de voorziening.

Rechtspraak bij dit artikel