Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Benoeming en zittingsduur

Onderdeel van Verordening Gehandicapten Adviesraad Bergen op Zoom

1.. De benoeming van de leden en de voorzitter geschiedt voor de duur van de zittingsperiode van de GAR, en gaat in op het moment waarop deze wordt aanvaard. 2.. De zittingsperiode van de GAR is 3 jaar. De eerste zittingsperiode eindigt op 01-03-2012. 3.. Een lid, dan wel de voorzitter, kan slechts twee opeenvolgende periodes zitting hebben. Bij de overgang naar de volgende zittingsperiode kunnen maximaal 10 leden van de raad worden herbenoemd. 4.. Voor degene die ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats tot lid wordt benoemd, geschiedt deze benoeming voor de duur van het restant van de lopende zittingsperiode van de GAR. Dit lid kan wel herbenoemd worden, waardoor zijn zittingsperiode met een termijn van 3 jaar wordt verlengd. 5.. Het college van burgemeester en wethouders kan om hem moverende redenen, de GAR, te allen tijde uit eigener beweging met onmiddellijke ingang aan een lid, dan wel de voorzitter, ongevraagd ontslag verlenen. 6.. Voor de benoeming van een lid in een tussentijds opengevallen plaats is de in artikel 3 vastgelegde procedure van toepassing. 7.. Indien er sprake is van het tussentijds openvallen van de functie van voorzitter, benoemt het college van burgemeester en wethouders zo spoedig mogelijk een nieuwe voorzitter. De vice-voorzitter, zoals bedoeld in artikel 4, vervult, tot het moment van benoeming van de nieuwe voorzitter door het college, tijdelijk de functie van voorzitter. 8.. Het lidmaatschap van de GAR eindigt: door beëindiging van de zittingsperiode van de GAR; door overlijden; door tussentijds ontslag als bedoeld in het vijfde of zesde lid van dit artikel; door het aanvaarden van een onverenigbare functie zoals genoemd in artikel 3, vijfde lid; door het niet langer meer voldoen aan de in artikel 3, tweede lid genoemde benoembaarheidseisen. 10.. Wanneer een lid komt te verkeren in de omstandigheid dat deze niet langer meer voldoet aan de benoembaarheidseisen, of een met het lidmaatschap onverenigbare functie heeft aanvaard, geeft dat lid daarvan onverwijld schriftelijk kennis aan: het college van burgemeester en wethouders; de GAR

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel