Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordening van parkeerbelasting 2015

1.. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak waarover de belasting wordt geheven. 2.. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren. 3.. Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, in de loop van het jaar aanvangt, is de belastingverschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4.. Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. 5.. In afwijking van het vorige lid bestaat geen ontheffing van de belastingplicht voor de vergunningen zoals opgenomen in Hoofdstuk I onder L en O van de bij deze verordening behorende tarieventabel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel