Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Stappenplan tot uitvoering tegenprestatie

Onderdeel van Beleidsregels tegenprestatie gemeente Haarlem

1.. Het college draagt geen tegenprestatie op indien belanghebbende: Een re-integratievoorziening volgt, zoals genoemd in de Re-integratieverordening, en naar werk wordt begeleid. Vrijwilligerswerk of mantelzorg verricht voor zover dit naar het oordeel van het college redelijkerwijs een bijdrage levert aan de maatschappij en tenminste voldoet aan het minimaal aantal uren zoals genoemd in artikel 4, eerste lid van de Verordening Tegenprestatie Participatiewet Haarlem 2015. 2.. Alvorens het college overgaat tot het opleggen van een tegenprestatie stelt zij belanghebbende op de hoogte over de mogelijkheden ten aanzien van de tegenprestatie en over e ventuele uitsluitingsgronden voor het vervullen van een tegenprestatie. En stelt het college belanghebbende in de gelegenheid kenbaar te maken dat belanghebbende reeds valt onder de doelgroep genoemd in het eerste lid. Het college gebruikt hiervoor een invulformulier met een checklist waarmee belanghebbende zelf kan vaststellen of hij voldoet aan de tegenprestatie. Blijkt uit de checklist dat belanghebbende nog niet voldoet aan de tegenprestatie dan heeft hij de gelegenheid om zelf binnen 8 weken een tegenprestatie te organiseren bij een organisatie, instelling, club, vereniging of in de eigen leefomgeving te zoeken. 3.. Na ontvangst van het invulformulier met checklist vermeld onder het tweede lid beoordeelt het college of belanghebbende al voldoet aan de tegenprestatie dan wel wordt vrijgesteld van de verplichting tot het vervullen van een tegenprestatie. Wanneer belanghebbende nog geen tegenprestatie levert dan wordt een tegenprestatie naar vermogen middels een beschikking opgelegd. 4.. Als belanghebbende niet of in onvoldoende mate meewerkt aan de opgelegde tegenprestatie naar vermogen, wordt deze gedraging conform de Afstemmingsverordening Participatiewet gemeente Haarlem afgestemd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel