Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 2.7

Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering

Onderdeel van Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning Wageningen 2015

1.. Onverminderd artikel 8.1.2 van de Jeugdwet en artikel 2.3.8 van de Wmo 2015 doet een cliënt op verzoek of zo snel mogelijk uit eigen beweging aan het college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening, maatwerkvoorziening of pgb. 2.. Onverminderd artikel 8.1.4 van de Jeugdwet of artikel 2.3.10 van de Wmo 2015 kan het college een beslissing aangaande een individuele voorziening, maatwerkvoorziening of pgb herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: de cliënt, onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; de cliënt niet langer op de individuele voorziening, maatwerkvoorziening of op het pgb is aangewezen; de individuele voorziening, maatwerkvoorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; de cliënt niet voldoet aan de voorwaarden van de individuele voorziening, maatwerkvoorziening of het pgb, of de cliënt de individuele voorziening, maatwerkvoorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruikt dan waarvoor het is bestemd. 3.. Als het college een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van degene die opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens heeft verschaft geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten individuele voorziening, maatwerkvoorziening of het ten onrechte genoten pgb. 4.. Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden, tenzij de cliënt aannemelijk kan maken dat buiten zijn schuld de voorziening (nog) niet kon worden gerealiseerd. 5.. Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb’s. 6.. Ingeval het recht op een in eigendom verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd. 7.. Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd. 8.. Indien het recht op pgb is ingetrokken kan op basis daarvan een reeds uitbetaalde persoonsgebonden budget worden teruggevorderd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel