In deze beleidsregel wordt bedoeld met:
a.
de wet:
de Participatiewet;
b.
bijstandsnorm:
de normen zoals genoemd in artikel 21 van de wet;
c.
woonkosten:
1. ingeval van een huurwoning de door de belanghebbende verschuldigde huurprijs als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag;
2. ingeval van een eigen woning de hypotheeklasten verbonden aan de door belanghebbende bewoonde woning, de zakelijke lasten behorend bij de woning en een naar de omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud, waarbij onder zakelijke lasten wordt verstaan: rioolrechten, de onroerende zaakbelasting, premie brand- en opstalverzekering en het eigenaarsdeel van de waterschapslasten;
d.
schoolverlater:
de uitkeringsgerechtigde die tot zes maanden terug de deelname aan onderwijs of een beroepsopleiding heeft beëindigd. De periode van zes maanden vangt daarbij aan na het beëindigen van het recht op studiefinanciering dan wel de tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten .
Hoofdstuk
Artikel 1.
Begripsbepaling
Onderdeel van Beleidsregel verlaging bijstandsnorm Participatiewet