De fracties in de gemeenteraad hebben jaarlijks op grond van deze verordening aanspraak op een vergoeding per fractie en per fractielid.
De verstrekking van de in artikel 1 genoemde vergoedingen vindt per kalenderjaar plaats in twee gelijke termijnen op basis van het aantal raadsfracties en het aantal tot de raadsfracties behorende leden op 1 januari en 1 mei van het betreffende kalenderjaar, waarop de vergoedingen betrekking hebben, waarbij tijdelijke vacatures worden meegeteld, behoudens het gestelde in artikel 5.
De vergoeding wordt bij wijze van voorschot verstrekt door overmaking op een ten name van de desbetreffende fractie gestelde bank- of girorekening.
In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt een evenredig deel van het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden.
Na vaststelling van de bedragen, bedoeld in artikel 8, wordt het voorschot verrekend met teveel ontvangen voorschotten.