Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › HOOFDSTUK 1

Artikel 1.

BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN

Onderdeel van Drank- en Horecaverordening 2008

1.. Vóór de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Drank- en Horecawet; horecabedrijf: de activiteit in ieder geval bestaande uit het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse; slijtersbedrijf: de activiteit bestaande uit het bedrijfsmatig of anders dan om niet aan particulieren verstrekken van sterke drank voor gebruik elders dan ter plaatse, al dan niet gepaard gaande met het bedrijfsmatig of anders dan om niet aan particulieren verstrekken van zwakalcoholhoudende en alcoholvrije drank voor gebruik elders dan ter plaatse of met het bedrijfsmatig verrichten van bij algemene maatregel van bestuur aangewezen handelingen; lokaliteit: een besloten ruimte, onderdeel uitmakend van een inrichting; horecalokaliteit: een van een afsluitbare toegang voorziene lokaliteit, onderdeel uitmakend van een inrichting waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend, in ieder geval bestemd voor het verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse; slijtlokaliteit: een van een afsluitbare toegang voorziene lokaliteit, onderdeel uitmakend van of samenvallend met een inrichting waarin het slijterbedrijf wordt uitgeoefend, in ieder geval bestemd voor het verstrekken van sterke drank voor gebruik elders dan ter plaatse; inrichting: de lokaliteiten waarin het slijterbedrijf of het horecabedrijf wordt uitgeoefend, met de daarbij behorende terrassen voor zover die terrassen in ieder geval bestemd zijn voor het verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse, welke lokaliteiten al dan niet onderdeel uitmaken van een andere besloten ruimte; leidinggevende: De natuurlijke persoon of de bestuurders van een rechtspersoon of hun gevolmachtigden, voor wiens rekening en risico het horecabedrijf of het slijterbedrijf bedoeld in artikel 4 van de wet; de natuurlijke persoon, die de algemene leiding geeft aan een onderneming, waarin het horecabedrijf of het slijterbedrijf wordt uitgeoefend in een of meer inrichtingen; de natuurlijke persoon, die de onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van zodanig bedrijf in een inrichting; sterke drank: de drank, die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor vijftien of meer volumeprocenten uit alcohol bestaat, met uitzondering van wijn; alcoholvrije drank: de drank, die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor minder dan 0,5 volumeprocent uit alcohol bestaat. 2.. Artikel 1 van de Drank- en Horecawet is van overeenkomstige toepassing op de niet op die wet steunende bepalingen van deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel