Het college voorziet de Wmo-adviesraad van informatie ten behoeve van het naar behoren kunnen functioneren van de Wmo-adviesraad. Het college betrekt de Wmo-adviesraad op een zodanig tijdstip bij het beleidsvormingsproces, dat het wezenlijke invloed kan hebben op het te nemen besluit. De Wmo-adviesraad wordt in ieder geval geraadpleegd bij het opstellen van vragen die ten grondslag liggen aan de evaluatie van Wmo-beleid.
In het geval het college in een voorstel aan de gemeenteraad afwijkt van het advies van de Wmo-adviesraad, wordt dit bij het voorstel vermeld, waarbij tevens gemotiveerd is aangegeven op welke gronden van het advies van de raad is afgeweken.
De Wmo-adviesraad heeft ook het recht zelf informatie te vragen aan het college.
Over de adviezen van de Wmo-adviesraad doet het college binnen redelijke termijn schriftelijke rapportage aan de Wmo-adviesraad. Daarbij wordt in ieder geval aangegeven wat er met de door de Wmo-adviesraad gegeven adviezen is gedaan.