Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 wordt de vergunning geweigerd indien:
Het in artikel 2:40B lid 4 bedoelde maximum is bereikt.
De vestiging of exploitatie strijd oplevert met het geldende bestemmingsplan en/of leefmilieuverordening.
De exploitant binnen drie jaar voor de aanvraag een inrichting heeft geëxploiteerd die op grond van (ernstige vrees voor) verstoring van de openbare orde gesloten is geweest.
De exploitant en/of de overige leidinggevenden niet voldoen aan de bij of krachtens artikel 8, tweede en derde lid van de Drank- en Horecawet aan leidinggevenden gestelde eisen.
De inrichting gevestigd is in de directe nabijheid van een terrein waarop een school of een jongerencentrum is gehuisvest.
Redelijkerwijze moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn
Er sprake is van een geval en onder de voorwaarden als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
Hoofdstuk 2 › AFDELING 10A
Artikel 2:40H
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Terneuzen 2015