In hoogdrempelige inrichtingen zijn maximaal twee speelautomaten toegestaan, waarvan maximaal óf twee kansspelautomaten óf één kansspel- en één behendigheidsautomaat óf twee behendigheidsautomaten;
In laagdrempelige inrichtingen zijn maximaal twee speelautomaten toegestaan, met dien verstande dat kansspelautomaten in het geheel niet zijn toegestaan,
In een speelautomatenhal mogen maximaal 90 kansspelautomaten en 40 behendigheidsautomaten aanwezig zijn.