Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Tijdstip van betaling

Onderdeel van Verordening marktgeld 2015

1.. Het in artikel 3, lid 3 bedoelde marktgeld dient te worden voldaan op het moment van aanbieding van de nota of andere schriftuur. 2.. Het in artikel 4, lid 1 bedoelde marktgeld moet worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3.. In afwijking van het tweede lid geldt dat wanneer het totaalbedrag van de op het aanslagbiljet vermelde aanslag (en), meer is dan € 60,- doch minder dan € 2.500,- dat de aanslagen moeten worden betaald in drie gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4.. In afwijking van het tweede lid geldt dat, zolang de verschulidgde bedragen door middel van automatsiche betalingsincasso van de betaalrekenig van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven en wanneer het totaalbedrag van de op het aanslagbiljet vermelde aanslag (en), meer is dan € 60,-, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het belastingjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste twee en ten hoogste tien bedraagt. De eerste termijn vervalt een maand na dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen een maand later. 5.. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel