**1..** Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet.
**2..** Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was.
**3..** De hoogte van een pgb:
is gebaseerd op een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden;
is toereikend om effectieve en kwalitatief goede zorg in te kopen, en
bedraagt ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate maatwerkvoorziening in natura;
bedraagt voor inkoop van dienstverlening maximaal 75% van de kostprijs;
bedraagt voor inkoop van dienstverlening bij een niet-gekwalificeerde uitvoerder maximaal 50% van de kostprijs.
bedraagt voor inkoop van dienstverlening bij een persoon ut het sociale netwerk van de cliënt maximaal 25% van de kostprijs.
**4..** De kostprijs van de goedkoopst adequate maatwerkvoorziening in natura wordt bepaald:
door een aanbesteding, of
na een consultatie in de markt, of
in overleg met de aanbieder.
**5..** De hoogte van een pgb voor dienstverlening is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten, zoals salaris, vervanging tijdens vakantie, verzekeringen en reiskosten.
**6..** De hoogte van een pgbvoor een zaak wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de zaak die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de zaak in natura zou zijn verstrekt. Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering.
**7..** Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de controle op de besteding.
Artikel 11
Regels voor persoonsgebonden budget
Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE HEERENVEEN 2015