De budgethouder is zelf verantwoordelijk voor:
Het inkopen van de individuele voorziening, hulpmiddel of hulp;
Het onderhoud, de reparaties en de verzekering van het hulpmiddel;
Degene die wordt ingeschakeld voor hulp is verantwoordelijk voor het doorgeven van loongegevens aan de belastingdienst.
Bij de bepaling van de hoogte van het persoonsgebonden budget wordt conform artikel 13 lid 1 van de verordening onderscheid gemaakt tussen professionele en niet-professionele ondersteuning. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor professionele ondersteuning wordt het laagste gemiddelde tarief dat in het (raam-)contract overeengekomen is met aanbieders voor de betreffende, te verstrekken maatwerkvoorziening. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor niet-professionele ondersteuning door middel van dezelfde te verstrekken maatwerkvoorziening wordt maximaal 75% van het tarief voor professionele ondersteuning.
Indien er sprake is van een maatwerkvoorziening in de vorm van hulp bij het huishouden, wordt er geacht sprake te zijn van professionele ondersteuning indien de dienstverlening geboden wordt door een thuiszorgorganisatie of door een zzp-er die als eenmanszaak staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en tevens voldoet aan de voorwaarden van het urencriterium vereist voor de zelfstandigenaftrek voor de inkomstenbelasting (te weten minimaal 1225 uur per jaar wordt besteed aan het feitelijk drijven van de onderneming en er wordt meer tijd besteed aan de onderneming dan aan andere werkzaamheden).
De met een PGB te realiseren maatwerkvoorziening ten behoeve van het wonen in de vorm van een (niet-)bouwkundige of (niet-)woontechnische woonvoorziening, een uitraasruimte of onderhouds-, keurings- of reparatiekosten kan slechts plaatsvinden door een erkend bedrijf. Hiervan is sprake indien het bedrijf is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en voorzien is van een BTW-nummer. Het zelf uitvoeren van werkzaamheden is niet toegestaan, tenzij hiervoor vooraf schriftelijke toestemming is verleend door het college.
Er kan slechts een persoonsgebonden budget worden toegekend voor de reparatiekosten van een vervoersvoorziening indien
de reparatie niet veroorzaakt is door verwijtbare gedragingen en
de fabrieks- of wettelijke garantie niet van toepassing is.
De met een persoonsgebonden budget aan te schaffen maatwerkvoorziening dient te voldoen aan het in het kader van het onderzoek opgestelde programma van eisen.
De voorziening die de cliënt inkoopt met het persoonsgebonden budget dient nieuw, adequaat, veilig, cliëntgericht en kwalitatief verantwoord te zijn.
Hoofdstuk 3
Artikel 21
Bijzondere bepalingen over het persoonsgebonden budget
Onderdeel van Besluit nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Gennep