Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2.

Artikel 2.

Onderdeel van Verordening tegenprestatie inkomensvoorzieningen

Het college kan aan de uitkeringsgerechtigde een tegenprestatie opdragen, waarbij rekening dient te worden gehouden met de navolgende factoren: de tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden verricht; de individuele omstandigheden moeten in aanmerking worden genomen; de persoonlijke wensen en kwaliteiten van de belanghebbende moeten in overweging worden genomen; zorgtaken. Het college zet de tegenprestatie motiverend in, waarbij tegemoet wordt gekomen aan het individueel en collectief belang.

Rechtspraak bij dit artikel