De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in de artikelen 8 en 9, wordt vastgesteld op:
a. twintig procent van de uitkeringsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie;
b. veertig procent van de uitkeringsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede categorie;
c. honderd procent van de uitkeringsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde categorie.
Hoofdstuk 2
Artikel 10
Hoogte en duur van de verlaging
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, Bbz 2004, IOAW en IOAZ 2015 Gemeente Terschelling