Als een belanghebbende een door het college opgelegde verplichting als
bedoeld in artikel 55 van de Participatiewet niet of onvoldoende nakomt,
wordt een verlaging toegepast. De verlaging wordt vastgesteld op:
20% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij het niet of
onvoldoende nakomen van verplichtingen die strekken tot
arbeidsinschakeling;
20% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij het niet of
onvoldoende nakomen van verplichtingen die verband houden met de
aard en het doel van een bepaalde vorm van bijstand;
50% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij het niet of
onvoldoende nakomen van verplichtingen die strekken tot
vermindering van de bijstand;
100% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij het niet of
onvoldoende nakomen van verplichtingen die strekken tot
beëindiging van de bijstand.
Hoofdstuk 4.
Artikel 13.
Niet nakomen van overige verplichtingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Coevorden 2015