Lid 1:
Een pgb wordt verstrekt als:
een cliënt naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde in staat is de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
een cliënt zich gemotiveerd op het standpunt stelt dat hij de maatwerkvoorziening als pgb geleverd wenst te krijgen dan wel dat de voorziening die een gecontracteerde aanbieder levert niet passend is.
naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de ondersteuning van goede kwaliteit is en bijdraagt aan het beoogde resultaat.
Lid 2:
Tot maximaal vijf jaar na uitbetaling van het persoonsgebonden budget voor ondersteuning, moet de budgethouder rekening houden met controle door het college naar de besteding van het persoonsgebonden budget en moet de budgethouder hiervoor van belang zijnde stukken beschikbaar houden.
Lid 3:
Voor zover het een persoonsgebonden budget voor een periodieke voorziening betreft, controleert het college steekproefsgewijs. Tenminste 10% van de PGB-uitgaven wordt jaarlijks gecontroleerd.
Lid 4:
Na de in het tweede en derde lid genoemde controle wordt door het college beoordeeld of er aanleiding bestaat het persoonsgebonden budget geheel of gedeeltelijk terug te vorderen of te verrekenen.
Lid 5:
Bij verstrekking van het persoonsgebonden budget is de budgethouder verplicht in ieder geval de volgende stukken op verzoek te verstrekken:
een gesloten zorgovereenkomst tussen budgethouder en zorgverlener;
betalingsbewijzen van de verrichte betalingen;
of (indien wettelijk noodzakelijk) een overzicht van de salarisadministratie met bewijsstukken.
Lid 6:
Indien het recht op het persoonsgebonden budget bij wijziging van de situatie komt te vervallen (bijvoorbeeld overlijden, verhuizen of op eigen verzoek) dient de cliënt of eventuele nabestaande(n) het college hiervan op de hoogte te stellen.
Lid 7:
Indien de situatie zoals beschreven in het voorgaande lid zich wijzigt dient indien van toepassing de cliënt of eventuele nabestaande(n) een deel van het budget terug te betalen.
Hoofdstuk 1:
Artikel 7:
Systematiek persoonsgebonden budget
Onderdeel van Nadere Regels Wmo Olst-Wijhe 2015