De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 250 indien de inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het dagelijks bestuur op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtig is geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld in artikel X, tweede en derde lid, van de Wet van 13 september 2012 juncto artikel 25, vierde lid, van de Wi.
De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 500 indien de inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening, bedoeld in artikel X, tweede en derde lid, van de Wet van 13 september 2012 juncto artikel 23, eerste lid, van de Wi of aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 8 van deze verordening.
De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 500 indien de inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel X, tweede en derde lid, van de Wet van 13 september 2012 juncto artikel 7, eerste lid, van de Wi bedoelde termijn of binnen de door het dagelijks bestuur op grond van artikel X, tweede en derde lid, van de Wet van 13 september 2012 juncto artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de Wi verlengde termijn het inburgeringsexamen of het staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II heeft behaald.
Hoofdstuk
Artikel 10.
De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende overtredingen
Onderdeel van Verordening inburgering ISD Bollenstreek 2015